Spelregels

Spelregels 5 Points

Inhoud

  • Speelbord
  • 400 vragenkaarten
  • 16 actiekaarten
  • Dobbelsteen
  • Zandloper
  • 5 speelfiches
  • Spelregels

Introductie 

Het 5 Points bordspel is het meest interactieve en veelzijdige voetbalspel op de markt. Het is een combinatie van verschillende spelvormen. Je kunt zelf de teamgrootte bepalen. Speel je bijvoorbeeld met zes spelers, dan kun je twee teams van drie of drie teams van twee vormen. Speel het spel met minimaal vier spelers. 

Doel van het spel 

Het doel van het spel is om als eerste over de finish te komen. In iedere beurt kunnen maximaal vijf punten worden behaald, waarmee je vijf vakjes vooruit mag. Gooi je echter “-1” met de dobbelsteen, dan moet je één vakje terug en is het volgende team aan de beurt. 

Het spel 

Het team met de jongste speler mag beginnen. Als je aan de beurt bent, gooi je met de dobbelsteen om de categorie te bepalen. Voor iedere categorie heb je 35 seconden de tijd. De tijd begint te lopen als de vragenkaart wordt opgepakt. Per goed antwoord mag je team één vakje vooruit. 

Omschrijven

Een teamlid probeert zoveel mogelijk woorden te omschrijven aan de medespeler(s).

Tijdens het omschrijven is het verboden: 

  • de namen of woorden op de vragenkaart te noemen; 
  • een deel van het woord te noemen;
  • “klinkt als” of “rijmt op” tactieken gebruiken; 
  • naar een letter of letters van het alfabet verwijzen; 
  • naar iets wijzen;
  • te vertalen naar een andere taal.

Uitbeelden

Een teamlid probeert zoveel mogelijk items uit te beelden aan de medespeler(s). Degene die uitbeeldt, mag geen woorden gebruiken. Wel mag er geneuried worden en mogen er geluiden gemaakt worden tijdens het uitbeelden. 

Quiz

Iedere kaart bevat vijf vragen. Het teamlid dat de vragen stelt, dient de volgorde op de vragenkaart aan te houden. Ieder goed antwoord levert één punt op. Op iedere vraag geldt alleen het eerst gegeven antwoord. 

Lijstjes

Hierbij wordt een vraag gesteld waarop meerdere antwoorden juist zijn. Per goed antwoord krijgt het team één punt. Er mogen maximaal vijf antwoorden gegeven worden. Denk dus goed na voordat je zomaar wat roept.

Wat weet je van

Wat komt er in je op als je denkt aan het volgende woord/naam/etc? De uitvoerende persoon noemt alleen het dik gedrukte woord. Voor elk goed geraden antwoord krijg je één punt. In deze spelvorm is het de bedoeling dat de spelers alles noemen wat in ze opkomt.

Actiekaarten 

Voor aanvang van het spel krijgt ieder team drie actiekaarten (één Extra tijd, één Strafschoppen en één Wissel). Per speelronde is het toegestaan om maximaal één actiekaart in het spel te brengen. 

  • Extra tijd
    Deze actiekaart moet meteen nadat de tijd is verlopen ingezet worden. Het team heeft dubbel zoveel tijd, oftewel de zandloper mag één keer extra worden omgedraaid. 
  • Strafschoppen
    Nadat een ander team met de dobbelsteen heeft gegooid, mag je het team uitdagen. Jouw team mag dan meedoen met de speelronde. Het team dat het antwoord als eerste raadt, krijgt het punt. 
  • Wissel
    Wanneer een ander team heeft gegooid en een categorie  toegewezen heeft gekregen, dan is er de mogelijkheid om de vragenkaart af te pakken. Het team dat de vragenkaart afpakt, moet deze in zijn volgende beurt gebruiken. Het team dat de vragenkaart moet inleveren mag niet opnieuw gooien. Het volgende team is aan de beurt. 

Winterstop 

Wanneer het eerste team op het vakje “Winterstop” komt (of er voorbij gaat), dan wordt de stand bekeken. Het team dat laatste staat, ontvangt de Panna-kaart. Indien er twee teams op de laatste plaats staan, dan krijgt het team dat als laatste aan de beurt is de Panna-kaart.

  • Panna
    Je legt iedereen in de luren. Je gooit en voordat je de vragenkaart bekijkt, leg je deze actiekaart op. Elk goed antwoord levert dubbele punten op. 

Voorbeeld: Wanneer het ene team de Panna-kaart inzet, dan kan het andere team niet in diezelfde ronde de Strafschoppen-kaart inzetten.